devastating
/ˈdev.ə.steɪ.tɪŋ/
verwoestend
Woord in context
The hurricane caused devastating damage to the town.
De orkaan veroorzaakte verwoestende schade aan de stad.
/ˈdev.ə.steɪ.tɪŋ/
verwoestend
The hurricane caused devastating damage to the town.
De orkaan veroorzaakte verwoestende schade aan de stad.