appoint
/əˈpɔɪnt/ appointed · appointed
benoemen
Woord in context
The mayor will appoint a new city official.
De burgemeester zal een nieuwe ambtenaar benoemen.
/əˈpɔɪnt/ appointed · appointed
benoemen
The mayor will appoint a new city official.
De burgemeester zal een nieuwe ambtenaar benoemen.