De nos jours
/də no ˈʒuʁ/
Tegenwoordig
Woord in context
De nos jours, tout le monde a un téléphone.
Tegenwoordig heeft iedereen een telefoon.
/də no ˈʒuʁ/
Tegenwoordig
De nos jours, tout le monde a un téléphone.
Tegenwoordig heeft iedereen een telefoon.