Rencontrer
/ʁɑ̃kɔ̃ˈtʁe/ a rencontré
Ontmoeten
Woord in context
Je vais rencontrer mes amis ce soir.
Ik ga vanavond mijn vrienden ontmoeten.
/ʁɑ̃kɔ̃ˈtʁe/ a rencontré
Ontmoeten
Je vais rencontrer mes amis ce soir.
Ik ga vanavond mijn vrienden ontmoeten.