Complice
/ˈkomplitʃe/
Samenzweerderig
Woord in context
Luca mi ha fatto un sorriso complice.
Luca schonk me een samenzweerderige glimlach.
/ˈkomplitʃe/
Samenzweerderig
Luca mi ha fatto un sorriso complice.
Luca schonk me een samenzweerderige glimlach.