Naar de inhoud

Tijdsaanduidingen in het Italiaans

45 woorden, van beginner tot gevorderd. Tik op een woord om het te horen.

0 / 148 woorden geleerd

Leer deze woorden door te oefenen Download de lijst (PDF)

Goed om te weten

Tijdsuitdrukkingen in het Italiaans kunnen afhankelijk van de context verschillende betekenissen hebben. Tempo kan verwijzen naar tijd of het weer. Ancora kan betekenen dat iets doorgaat of opnieuw gebeurt. Già geeft vaak aan dat iets al gedaan is, terwijl Appena kan aangeven dat iets net is gebeurd.

In ontkennende mededelingen heeft Mai doorgaans een ontkenning vóór het werkwoord nodig als het zelf achter het werkwoord staat. In vragen kan het worden gebruikt om te vragen of iets ooit is gebeurd. Prima en Dopo plaatsen een gebeurtenis vóór of na een ander referentiepunt in de tijd. Poi leidt meestal de volgende gebeurtenis in een reeks in.

  1. Intanto /inˈtanto/ Ondertussen A2Gemiddeld#
  2. Periodicità /perioditʃiˈta/ la Periodiciteit C1Gevorderd#
  3. Tempo /ˈtɛmpo/ il mv. i tempi Tijd A1Beginner#
  4. Giorno /ˈdʒorno/ il mv. i giorni Dag A1Beginner#
  5. Anno /ˈanno/ l' mv. gli anni Jaar A1Beginner#
  6. Mattina /matˈtina/ la mv. le mattine Ochtend A1Beginner#
  7. Notte /ˈnɔtte/ la mv. le notti Nacht A1Beginner#
  8. Ieri /ˈjɛri/ Gisteren A1Beginner#
  9. Oggi /ˈɔddʒi/ Vandaag A1Beginner#
  10. Domani /doˈmani/ Morgen A1Beginner#
  11. Adesso /aˈdɛsso/ Nu A1Beginner#
  12. Prima /ˈprima/ Eerder A1Beginner#
  13. Dopo /ˈdopo/ Na A1Beginner#
  14. Poi /ˈpɔi/ Dan A1Beginner#
  15. Sempre /ˈsɛmpre/ Altijd A1Beginner#
  16. Mai /mai/ Nooit A1Beginner#
  17. Ancora /anˈkora/ Nog steeds A1Beginner#
  18. Mese /ˈmeze/ il mv. i mesi Maand A1Beginner#
  19. Dopodomani /dopodoˈmani/ Overmorgen A1Beginner#
  20. L'altro ieri /ˈlaltro ˈjɛri/ Eergisteren A2Beginner#
  21. Agenda /aˈdʒɛnda/ l' mv. le agende Agenda A2Gemiddeld#
  22. Scadenza /skaˈdɛntsa/ la mv. le scadenze Vervaldatum B1Gemiddeld#
  23. Di frequente /di freˈkwɛnte/ Vaak B1Gemiddeld#
  24. Durata /duˈrata/ la mv. le durate Duur als tijdsduur A2Gemiddeld#
  25. Settimana /settiˈmana/ la mv. le settimane Week A1Beginner#
  26. Mezzogiorno /meddzoˈdʒorno/ il mv. i mezzogiorni Twaalf uur 's middags A1Beginner#
  27. Mezzanotte /meddzaˈnɔtte/ la mv. le mezzanotti Middernacht A1Beginner#
  28. Subito /ˈsubito/ Onmiddellijk A1Beginner#
  29. Già /ˈdʒa/ Al A1Beginner#
  30. Appena /apˈpena/ Zojuist A2Beginner#
  31. Quinquennio /kwiŋˈkwɛnnjo/ il mv. i quinquenni Vijfjarige periode B2Gevorderd#
  32. Spesso /ˈspesso/ Vaak A1Beginner#
  33. Orologio /oroˈlɔdʒo/ l' mv. gli orologi Klok A1Beginner#
  34. Raramente /ˌraraˈmente/ Zelden A2Beginner#
  35. Tramonto /traˈmonto/ il mv. i tramonti Zonsondergang A2Beginner#
  36. Periodo /peˈriodo/ il mv. i periodi Periode A2Beginner#
  37. Calendario /kalenˈdarjo/ il mv. i calendari Kalender A1Beginner#
  38. Alba /ˈalba/ l' mv. le albe Zonsopgang A2Beginner#
  39. Semestre /seˈmɛstre/ il mv. i semestri Semester B1Gemiddeld#
  40. Decennio /deˈtʃɛnnjo/ il mv. i decenni Decennium B1Gemiddeld#
  41. Secolo /ˈsɛkolo/ il mv. i secoli Eeuw A2Gemiddeld#
  42. Millennio /milˈlɛnnjo/ il mv. i millenni Millennium B2Gemiddeld#
  43. Talvolta /talˈvɔlta/ Soms B1Gemiddeld#
  44. Intervallo /interˈvallo/ l' mv. gli intervalli Interval A2Gemiddeld#
  45. Cronologia /kronoloˈdʒia/ la mv. le cronologie Chronologie B2Gemiddeld#

Regels om te onthouden

  • Giorno, Mese en Anno zijn mannelijke zelfstandige naamwoorden; Notte en Settimana zijn vrouwelijk. Het geslacht is niet alleen aan de laatste klinker te herkennen.
  • Ieri, Oggi en Domani zijn bijwoorden: hun vorm verandert niet met geslacht of getal.
  • Già en Periodicità behouden hun geschreven accenttekens. Dopodomani is één woord, Di frequente bestaat uit twee woorden en L'altro ieri bevat een apostrof.

Meer thema's