Bimestre
/biˈmɛstre/ il mv. i bimestri
Periode van twee maanden
Woord in context
Il corso è durato un bimestre intero.
De cursus heeft een hele periode van twee maanden geduurd.
/biˈmɛstre/ il mv. i bimestri
Periode van twee maanden
Il corso è durato un bimestre intero.
De cursus heeft een hele periode van twee maanden geduurd.